Home > Opleidingen > Professionele bachelor > Onderwijs: secundair onderwijs > Programma > Studieduur en traject >fysica en natuurwetenschappen

onderwijsvak fysica en natuurwetenschappen

Fysica? Een moeilijk vak?
Fysica is geen droge abstracte wetenschap, neen, de wetten van de natuurkunde zijn alomtegenwoordig in het dagelijkse leven. Heb jij oog voor deze soms doodgewone verschijnselen of ben je vooral geboeid door verrassende experimenten en wil je meer weten over deze fascinerende wetenschap en begrijpen hoe de ‘dingen van elke dag’ in elkaar steken? Wil je bovendien deze kennis en fascinatie doorgeven aan leerlingen en ze boeien met eenvoudige maar uitdagende proeven om samen tot waarnemen en verklaren te komen? Dan is fysica onderwijzen voor jou een uitdaging!

In de eerste opleidingsfase wordt dieper ingegaan op: fysische grootheden en eenheden, geometrische optica, materie, wetenschappelijk werk en mechanica. Dit zijn ook de leerinhouden van de vakken wetenschappelijk werk (tweede jaar) en fysica (derde jaar) van het secundair onderwijs. Een grondige beheersing van deze leerinhouden is dan ook heel belangrijk.
De nadruk wordt gelegd op een proefondervindelijke omgeving waarbij zowel het werken met grootheden en eenheden als het verwerven van basisvaardigheden centraal staan. Via het bestuderen van de basiswetten en het oplossen van oefeningen wordt de natuurwetenschappelijke denkmethode ontwikkeld. In de zelf uitgevoerde experimenten ligt de klemtoon op de voordelen van de interactieve natuurkunde.

Mechanica, hydrostatica, hydrodynamica, warmteleer en elektromagnetisme vormen samen de inhouden van de tweede opleidingsfase. Deze duiken grotendeels op in de fysicaprogramma’s van de tweede graad secundair onderwijs. De andere onderwerpen dienen vooral als ondersteuning en verdere ontwikkeling van de basiskennis van de leraar zelf. Ook nu weer wordt zoveel mogelijk uitgegaan van eigen proefondervindelijke waarnemingen en observaties uit de eigen leefwereld.

In de derde opleidingsfase staan trillingen en golven centraal en gaat er specifieke aandacht naar de toepassingsgebieden geluidsleer en fysische optica. Deze leerinhouden worden opnieuw zoveel mogelijk aan de hand van proeven en applets aangebracht en in vraagstukken toegepast.
Deze onderwerpen en aanpak vergroten de ondersteunende basiskennis en verfijnen de wetenschappelijk werkmethode van de toekomstige leraar.

In de lessen vakdidactiek worden alle deelaspecten van een fysicales klassikaal besproken en ingeoefend. Specifieke opdrachten hebben als doel de creativiteit van de leraar in spe te prikkelen en te ontwikkelen. Verder is er aandacht voor de concrete invulling van de beginsituatie, de interpretatie en formulering van doelstellingen en de specifieke werkvormen voor het vak fysica. Ook alle aspecten verbonden aan het specifieke karakter van het fysicalokaal zelf worden besproken.

Uiteindelijk zorgt dit ervoor dat fysica geven op een aantrekkelijke, uitdagende, maar ook wetenschappelijk verantwoorde manier een leerrijke zoektocht blijft!

In het secundair onderwijs wordt gestart met het nieuwe vak natuurwetenschappen. Het leerplan natuurwetenschappen van de eerste graad (in A- en B-stroom) is opgesteld vanuit het vroegere leerplan biologie, aangevuld met een aantal basisvaardigheden uit de chemie en de fysica.
In de tweede graad worden in alle aso- en sommige tso-richtingen de vakken biologie, chemie, fysica onderwezen. In sommige richtingen tso en in kso wordt een leerplan natuurwetenschappen gevolgd. Natuurwetenschappen is daarom een verplicht opleidingsonderdeel voor studenten die het onderwijsvak biologie en/of fysica volgen. In deze lessen worden de vereiste basiselementen van toegepaste fysica, chemie en biologie bestudeerd. De nadruk ligt op de proefondervindelijke omgeving waarbij het verwerven van basisvaardigheden: leren waarnemen en de waarneming verwoorden, leren besluiten trekken, opstellen van een degelijk en duidelijk verslag, centraal staat. 

 

Terug naar de tabel met de andere onderwijsvakken